Coornhert, Willem van Oranje en de Opstand

De burgemeester leidde de lezing in: 445 jaar geleden gaven de uitgehongerde Haarlemmers zich over aan de Spanjaarden en werd Don Frederik in deze Gravenzaal ontvangen Er volgden plunderingen en het moorden: de verdedigers van Haarlem werden zelfs aan elkaar vastgebonden in het Spaarne gegooid.

Coornhert

Dirck Volckertszoon Coornhert werd geboren in Amsterdam in 1522 als zoon van een zeer rijke katholieke lakenhandelaar. Hij bespeelde al jong verschillende instrumenten, schreef gedichten, was sportief, knap en eigenzinnig. Men zou verwachten, dat een zo getalenteerde jongen naar de Latijnse School ging. Maar in plaats daarvan volgde hij een opleiding tot prentenmaker.

Op 16-jarige leeftijd zonden zijn ouders hem een jaar naar Spanje en Portugal. Spoedig na zijn terugkeer in 1539 werd hij verliefd op en trouwde hij met de 12 jaar oudere Cornelia (Neeltje) Symonsdochter uit Haarlem. Zijn ouders waren tegen hun huwelijk en onterfden hem. 

Zijn schoonzuster Anna, maîtresse van Reinoud III van Brederode, bezorgde hem een baan als hofmeester op kasteel Batestein in Vianen. Aan dit hof heerste een antikatholieke sfeer. Coornherts lijfspreuk in deze jaren was: “Verkiezen doet verliezen”. Ook na zijn vertrek uit Vianen in 1531 bleef Coornhert nog lang contact houden met de Brederodes en (via hen) met Willem van Oranje.

In 1531 ging hij met Neeltje weer in Haarlem wonen, in de Ceciliasteeg. Hij werkte als prentenmaker samen met Maarten van Heemskerck. In veel van de ca. 200 prenten legde hij zijn denkbeelden vast over het geloof, God en de mens, goed en kwaad, vrijheid en dwang. De Bijbel was zijn belangrijkste bron. Rond 1555 raakte hij geïnteresseerd in de ‘erfzonde’, leerde Latijn en verdiepte zich in theologische werken. Coornhert geloofde in de vrije wil van de mens. Hij verzette zich in zijn geschriften tegen de ideeën van Menno Simons en Calvijn (voorbeschikking). Calvijn reageerde daarop door hem een wild beest, een schurk en een varken te noemen.

In 1560 werd hij notaris en begon hij met Jan van Zuren een drukkerij onder diens woning (de huidige Hoofdwacht). De kern van zijn notarismerk was een weegschaal, symbool van gelijkheid, die in balans wordt gehouden door een brandende kaars (het leven) en een been (de dood). Ook ging hij werken op het stadhuis en werd in 1564 stadssecretaris. Hij maakte vele dienstreizen en ontmoette in 1565 ook Willem van Oranje. In 1567 was Willem van Oranje weer in Haarlem. Hij vroeg Coornhert om zijn secretaris te worden. Deze sloeg het aanbod af. Coornhert bleef echter een belangrijk adviseur van Willem van Oranje en zijn liaison met de Heer van Brederode.

 

De Reformatie

De Reformatie (95 stellingen van Luther in 1517) was vooral gericht tegen misstanden in de katholieke kerk, zoals de aflatenhandel, de zedeloosheid en het harde optreden tegen ketters (brandstapel). Ook was er de opkomst van het humanisme. In Nederland was de Calvinistische stroming de belangrijkste. Calvijn legde sterk de nadruk op de predestinatie of voorbeschikking. De rooms-katholieke kerk kwam nog met de Contrareformatie, maar de botsingen tussen het oude geloof en de nieuwe stromingen leidde uiteindelijk tot een scheuring in het christendom.

 

De Opstand tegen Spanje.

Sinds 1482 vielen de Nederlanden onder het Oostenrijks-Habsburgse Huis en kwamen onder Spaans bewind. In 1555 volgde Filips II zijn vader op. Hij regeerde vanuit Spanje en stelde Margaretha van Parma aan als landvoogdes. Filips II voerde een toenemende centralisatie-politiek en tastte daarmee de zelfstandigheid en privileges van steden en gewesten aan.

Ook speelden er financiële motieven: Filips II had veel geld nodig voor zijn oorlogen tegen Frankrijk en de Turken en verhoogde allerlei belastingen (Tiende Penning).

In 1566 kwam het tot een breekpunt. 

Ca. 200 edelen boden de landvoogdes het Smeekschrift aan: Zij veroordeelden de Inquisitie en dreigden met een gewapende opstand als aan de vervolging van protestanten geen einde zou komen. Margaretha schortte de plakkaten op en adviseerde hen het smeekschrift ook aan de koning aan te bieden.

In deze periode van adempauze gingen de protestanten zich steeds meer manifesteren. Er werden buiten of in schuren godsdienstige bijeenkomsten gehouden, de zgn. hagenpreken. De Beeldenstorm brak los: kerken werden geplunderd en priesters vermoord. Door tactisch optreden van het stadsbestuur en Coornhert ging de Beeldenstorm aan Haarlem voorbij.

In 1566 benoemde Filips II don Fernando Alvarez de Toledo, hertog van Alva, tot landvoogd. Alva kwam met een flink leger om met harde hand orde op zaken te stellen. Hij stelde De Raad van Beroerten in. Deze werd al snel de Bloedraad genoemd. De onthoofding van de graven van Egmond en Hoorne leidde tot enorme protesten en de gewapende opstand. Een eerste overwinning van de opstandelingen op het Spaanse leger was de slag bij Heiligerlee in 1568. Dat was het begin van de 80-jarige oorlog. De Spanjaarden ondernamen een strafexpeditie tegen de opstandige steden. In 1572 was Haarlem aan de beurt.

Coornhert vlucht in 1568 naar Duitsland, maar komt na enkele maanden weer terug naar Haarlem. Dan wordt hij gevangen genomen in de huidige Gevangenpoort. Als hij op erewoord wordt vrijgelaten vlucht hij weer naar Duitsland. In 1572 komt hij weer terug en wordt staatssecretaris. Hij krijgt de opdracht om een rapport op te stellen over de wreedheden van Lumey, admiraal van de watergeuzen. Deze geeft opdracht om Coornhert te vermoorden, waarop Coornhert weer naar Duitsland vlucht en in zijn levensonderhoud voorziet door het maken van prenten. In 1574 kondigt de nieuwe landvoogd een Generaal Pardon af, dat echter niet geldt voor Coornhert.

In 1577 komt hij weer terug in zijn woning in de Jansstraat. Zijn politieke carrière is voorbij. Hij hervat zijn werk als notaris, maar wijdt zich vooral aan de strijd voor godsdienstvrijheid en tegen dogma’s, intolerantie en machtsmisbruik.

Neeltje overlijdt in 1584. Coornhert gaat naar Duitsland (1585), voor korte tijd naar Delft (1586) en ten slotte naar Gouda, waar hij in 1590 overlijdt.

 

Denkbeelden van Coornhert

Volmaakbaarheidsleer of perfectisme: de mens is geneigd tot het goede. De weg naar die volmaakbaarheid is, dat ieder moeite moet doen om te weten te komen wat hij nodig heeft om goed te leven. Kennis en zelfkennis en weten wat je niet weet zijn het kenmerk van de ware wijsheid. De gouden regel is: Behandel je naaste zoals jezelf behandeld wil worden. Coornhert vatte dit alles samen in ‘Weet of rust’: Handel alleen als je weet dat je het goede doet. Deze visie van Coornhert is volledig in strijd met de leer van de erfzonde en van de predestinatie.

Sterk verbonden met zijn opvattingen over volmaakbaarheid van de mens zijn zijn drie kernwaarden: vrijheid, gelijkheid en tolerantie.

Hoe komt het dat Coornhert ondanks zijn invloed op Willem van Oranje en zijn vele werk toch zo onbekend is gebleven? Waarschijnlijk werd hij door katholieken én door hervormden verketterd. En hij schreef in de landstaal en niet in het Latijn van de geleerden.

Na de lezing kon men een kijkje nemen in de burgemeesterskamer en was er een hapje en een drankje.

 

Lia van Velzen

 

 

Een historisch boek over Haarlemmerliede en Spaarn...
Erfgoed Symposium Alkmaar gaat niet door!