Bureaulamp

Bureaulamp naar ontwerp van de beeldhouwer H.A. van den Eijnde uitgevoerd door de firma Winkelman en Van der Bijl, Westerstraat 99 te Amsterdam, circa 1918.

"Lampen – hanglampen, vloerlampen en bureaulampen – zijn in het Hollandsch binnenhuis voorwerpen van bijzonder belang, omdat zij de gezelligheid in den avond bepalen" schrijft De Lorm in 1923 (blz. 36) in de catalogus uit 1975 getiteld: "Nederlandse architectuur 1910
– 1930 Amsterdamse School". In deze catalogus is ook een hoofdstuk gewijd aan "Kunstvormgeving in Nederland" geschreven door Frans van Burkom. Dit is, voor zover mij bekend, de eerste samenvattende studie over de interieurkunst uit de Amsterdamse Schoolperiode. Gelukkig zouden er nog meer volgen in de navolgende jaren. De belangstelling voor de Amsterdamse School is na die tentoonstelling zeker gegroeid en nu heeft de vormgeving van deze unieke stijlrichting een plek gekregen die ze verdient. In Amsterdam is het Museum het Schip opgericht, dat geheel in het teken staat van de Amsterdamse School in al zijn verschijningsvormen.
In 2016 vond in het Stedelijk museum te Amsterdam een grote overzichtstentoonstelling plaats met de nadruk op interieurkunst met als titel "Wonen in de Amsterdamse School." Op deze tentoonstelling was ook de lamp van Van den Eijnde te zien en is afgebeeld in het bij de tentoonstelling behorende boek. (Pag 191, fig. 12.67).

In de monografie over H.A. van den Eijnde door Ype Koopmans uit 1994 wordt de lamp als volgt beschreven: "Voor een ander bekend Amsterdams bedrijf, de firma Winkelman en Van der Bijl, ontwierp hij (Van den Eijnde) in het begin van de jaren 20 als kunstenaarsobject een lampje met een gebatikte kap. De bronzen voet bestaat uit een geknielde neo-Egyptische vrouwenfiguur, die aansluit bij de beeldjes Andante en Allegro uit 1916." De lamp staat niet in het boek afgebeeld.
Bij dit citaat vallen m.i. enige kanttekeningen te maken. Er wordt gesproken over een bronzen voet. Dit berust naar mijn idee op een misverstand. In de veilingcatalogus van Mak van Waay uit 1933, getiteld: "Kunstnijverheid – veiling, omvattende de buitengewoon fraaie verzameling lichtkronen, lampen en bronzen van de firma Winkelman", staat onder lotnr. 60 een omschrijving van de lamp die volledig overeenkomt met de bestaande lamp nl: "Bureaulamp door den beeldhouwer H.A. van den Eijnde, voorstellende een geknielde vrouwenfiguur, uitgevoerd in half blank ijzer met Winksmetaal."



De winkelprijs bedroeg Hfl. 120,-. De lamp is opgebouwd uit twee delen. Het voetstuk met het beeld en het langwerpige achterstuk waaraan de lamp en kap zijn bevestigd. Het voetstuk is dus niet vervaardigd van brons maar gemaakt van zgn. "Winksmetaal." Dit materiaal kan het beste worden omschreven als een soort zinklegering die vervolgens donkerbruin is gepatineerd. Het achterstuk is gemaakt van half blank ijzer, een, voor de firma Winkelman, heel kenmerkend materiaal dat o.a. ook veelvuldig is toegepast in de smeedijzeren decoraties in het Scheepvaarthuis maar waarin ook veel lampen, haardschermen en klokken zijn uitgevoerd. Dat er niet voor brons maar voor een zinklegering is gekozen kan m.i. worden verklaard dat de lamp niet in de jaren 20 is vervaardigd maar eerder nl. rond 1917/1918 ten tijde van de eerste wereldoorlog.
Frans van Burkom merkt hierover het volgende op: "Het materiaal (van lampen) dat omstreeks 1914 nog voornamelijk messing (of geel verkoperd blik) is wordt tijdens de oorlog vervangen door ijzer (door de koperschaarste), hoewel combinaties van ijzer en koper voor
blijven komen."
De uitvoering van het voetstuk in het Winksmetaal is redelijk geslaagd. Wel denk ik dat een uitvoering in brons een nog fraaier eindresultaat zou hebben opgeleverd.

Vormgeving

Vrouwenfiguren komen we veelvuldig tegen in de Amsterdamse School vormgeving, zowel in de vorm van bouwsculptuur als bij kunstnijverheid. Vaak hebben deze beelden een verdroomde en mystieke uitstraling. De houding van het beeld van de lamp is sereen en meditatief. Door toepassing van een vrij zwakke lichtbron wordt dit effect nog verder versterkt. Ze kijkt letterlijk naar het licht. Qua vormgeving van de vrouwenfiguur kan worden opgemerkt dat deze inderdaad overeenkomt met de beeldjes Andante en Allegro maar ook met de beelden bij de ingang van het Scheepvaarthuis. Al deze beelden doen Egyptisch aan en zijn heel karakteristiek voor het werk van Van den Eijnde. Omdat zowel de genoemde beeldjes als het Scheepvaarthuis zijn uitgevoerd voor 1920, lijkt het mij logisch dat deze lamp ook voor 1920 valt te dateren. Via de bouw van het Scheepvaarthuis is het aannemelijk dat Van den Eijnde in contact is gekomen met de firma Winkelman en Van der Bijl omdat dit bedrijf ook veel smeedwerk voor het genoemde gebouw heeft vervaardigd.

Reconstructie van de kap

Voordat ik besloot de lamp via een veilingsite aan te kopen, stond mij al voor ogen hoe de ontbrekende kap eventueel gereconstrueerd zou kunnen worden. Winkelman had ook zelf een bronzen bureaulamp ontworpen die constructief sterke overeenkomsten vertoonde met de lamp van van den Eijnde.
Ook bij deze lamp werd de kap van achteren bevestigd met behulp van twee pennen. In een veilingcatalogus (Christie's 20th Century Decorative Arts, Tuesday 20 october 1998, lotnr. 150) stond deze Winkelman lamp afgebeeld met de kap die nu is gemaakt voor de Van den Eijnde lamp.
De firma Aesthetica te Amsterdam herkende ook de Winkelman lamp en stelde mij de vraag: "Hebt U ook nog de twee bijbehorende pennen?" Ik antwoordde bevestigend. We werden het snel eens over de vorm en verdere uitvoering van de kap. Van belang was dat
de kap niet het zicht op het beeld zou belemmeren. De Winkelman lamp bezat een kap van varkensblaas. Ik heb echter gekozen voor Shantung zijde. Dit materiaal heeft een rustigere uitstraling waardoor de aandacht optimaal op het sculptuur komt te liggen. Het eindresultaat is goed passend, functioneel en fraai te noemen.

Bijzonder

Dat de lamp bijzonder en qua vormgeving belangrijk is, blijkt o.a. uit het feit dat hij tentoongesteld is geweest in het Stedelijk Museum te Amsterdam in 2016 en dat hij is afgebeeld in het bijbehorende boek. Dat de lamp zeldzaam is maakt hem ook bijzonder. In meer dan 30 jaar ben ik hem nog nooit ergens tegengekomen…..

Kortom, een bijzondere lamp van een bijzondere beeldhouwer!

Antoni Eduard

Geraadpleegde literatuur:

  • Burkom, Frans van: Kunstvormgeving in Nederland. In: Catalogus Nederlandse architectuur 1910 – 1930 Amsterdamse School, Pag 71 – 108. Uitgave: Stedelijk Museum te Amsterdam, 1975.
  • Koopmans, Ype: H.A. Van den Eijnde 1869 – 1939, monografie. Uitgave: Drents Museum te Assen, 1994.
  • Roode, Ingeborg de e.a.: Wonen in de Amsterdamse School, ontwerpen voor het interieur 1910 – 1930. Uitgave: Thoth te Bussum/Stedelijk Museum te Amsterdam, 2016.
  • Veilingcatalogus Christie's te Amsterdam, 20 oktober 1998. 20th Century Decorative Arts, lotnr. 150.
  • Veilingcatalogus Mak van Waay te Amsterdam, 12 september 1933: Catalogus van de kunstnijverheidveiling omvattende de buitengewoon fraaie verzameling lichtkronen, lampen en bronzen van de firma Winkelman, wegens opheffing van het winkelfiliaal Hobbemastraat hoek P.C. Hooftstraat te Amsterdam, lotnr. 60.
Restauratie
Uit De Hoofdwacht april 2020

By accepting you will be accessing a service provided by a third-party external to https://haerlem.nl/